Torenkamers van de Amsterdamse Baarsjes
In het verschiet de toren

Kijk omhoog

Een liedje van Ramses Shaffy, een essay over uitzicht van filosoof Joke J. Hermsen, mijn lievelingsboek van Annie M.G. en het huis waar ik de eerste maanden van mijn leven woonde: in het kunstproject waar ik nu aan werk hebben ze alles met elkaar te maken.

‘In de torenkamer? Zo zo. Woon jij in de torenkamer?’
‘Ja mevrouw.’

Annie M.G.Schmidt, Pluk van de Petteflet.1971, Querido uitgeverij

 

‘Hoe vaak moet je door een raam naar buiten kijken? Want heimwee en fernweh, […] dat we met verteverlangen of vertepijn zouden kunnen vertalen, zijn meer aan elkaar verwant dan op het eerste gezicht lijkt. Zodra je uit het raam naar de verte staart, springt er een (t)huis in je oog.’

Joke J. Hermsen uit: Heimwee om een geel dak, 2005, 
over werk van beeldend kuntenaar Rinke Nijburg. 
Ook verschenen in: Piercing the Spirits, 
Een kosmologie in 144.000 beelden', Harderwijk, 2005, pp. 154-165.

 

‘Sammy wil bij niemand horen, zich door niets laten verstoren, toch voelt hij zich soms verloren, hoge toren, hoog Sammy, kijk omhoog Sammy, want daarboven lacht de maan.’

Ramses Shaffy - Sammy, van lp Ramses 2, 1966

 

Beeldmateriaal Stadsarchief Amsterdam

De zwartwit afdrukken bovenin dit bericht zijn foto’s van het hoekpand Meneer de Wit waar de Baarsjesweg en de Postjesweg elkaar raken. Bij de Kinkerbrug. Aan de Baarsjesweg woonde ik de eerste paar maanden van mijn leven. De woningen zijn volgens de informatie uit het archief gebouwd in 1926-’27. Gevelontwerp is van de architecten Ph.J Hamers en N. Lansdorp.
Foto’s zijn afdrukken van archiefmateriaal uit de Beeldbank Stadsarchief Amsterdam.